Hello,
Het is vandaag al weer woensdag. Het gaat snel de tijd ongelofelijk. Ik heb de afgelopen dagen weer heel wat beleefd.
Maandag was een gewone dag in Sables. In de voormiddag heb ik eventjes wiskundeles gegeven want de leraar moest wat boodschappen doen. Ik heb wat rekenoefeningen op bord geschreven, die ze dan opgelost hebben en nadien heb ik ze verbeterd. Een echte schooljuffrouw é! Hihihi!
In de namiddag was de sportcoach daar en heb ik meegespeeld. Ik heb hen chinees voetbal en tienbal geleerd. Het was echt leuk. De volgende dag was ik gewoon stijf, erg é. Ik zal in de komende 4 maanden nog nooit zoveel gewandeld hebben als in mijn hele leven tot nu toe. Iedere morgen wandel ik een kleine 40 minuten naar Sables. Die wandeling is eigenlijk wel heerlijk, het zonnetje schijnt al volop en het is gewoon eventjes tot rust komen voor ik aan een drukke en chaotische dag begin.
Rond half 6 s’morgens is de zon al op hier en tegen half 7 is het donker. De meeste mensen staan hier ook op rond 5 à 6 uur, echt gek. Het begint wel te wennen want ik ben ook al klaarwakker tegen kwart na 6, dusja.
Dinsdag ben ik op mijn eerste huisbezoek geweest samen met Exhilda. Pethias is een jongetje van 10 jaar oud en woont met zijn zieke vader in Katondo, een compound (= sloppenwijk). Zijn mama is in 2006 gestorven en zijn oudere broer is weggelopen thuis. Zijn vader is zwaar ziek, HIV, zoals zoveel mensen hier. Pethias komt elke dag te voet naar Sables, wat ongeveer 2 uur wandelen is, zonder schoenen. Om 08u00 moeten de kinderen er zijn, dus reken zelf maar... In het begin ging alles goed met Pethias maar we hoorden van een vriend dat hij sinds kort op straat slaapt. S’avonds na Sables gaat hij naar de “market” en verkoopt plastic zakken om zo geld te verdienen en rond te komen. Hij wil niet naar huis uit angst voor zijn vader. Pethias wil er niet over praten en heeft het heel moeilijk. Exhilda besloot daarom om op huisbezoek te gaan.
Ik was echt in chock wanneer we door de compound liepen. Echt je kan het je in de verste verte niet voorstellen. Het is zo onvoorstelbaar dat er mensen, en veel mensen, zo moeten leven. Hetgeen wat mij het meeste gegrepen heeft is het feit dat deze mensen niets hebben, geen dak boven hun hoofd, geen stromend water, geen elektriciteit, lemen hutjes met daken van stro of plastic, en toch zo gelukkig, blij en gastvrij blijven. Wij, in België of beter het Westen, doen niets anders dan klagen. We klagen over alles, over het weer, het eten, een bus die te laat is, iemand die in de trein een beetje te veel lawaai maakt,... Als je er eens goed bij stilstaat, zoals ik nu, dan hebben wij echt niet veel redenen, om niet te zeggen geen redenen, om te klagen. De mensen hier hebben alle, maar dan ook alle redenen, om te klagen en toch doen ze het niet. Ik heb hier echt nog nooit één iemand horen klagen of pessimistisch horen zijn. Ze zijn zo optimistisch, vrolijk en super gastvrij. Ze zouden het eten uit hun mond sparen zolang jij als hun gast maar voldoende hebt. We zouden allemaal nog veel kunnen leren van de mensen hier.
Toen we eindelijk bij het “huis” van Pethias kwamen, was de vader er niet. Niemand wist waar hij was. De buren hadden hem in twee dagen niet gezien. We zijn eventjes binnen geweest. Amaai, echt amaai. Pethias heeft niet eens een matras om op te slapen. Er staat enkel een stoel en een deken. You really can’t imagine!! Mijn hart brak in duizend stukken. Het is echt hard om te zien.
De manier waarop de mensen hier ook met alles omgaan is ook hard. Mensen die sterven, ziek zijn, op straat leven, in armoede leven,...het hoort hier precies allemaal bij de dagelijkse kost en mensen zijn dan ook hard voor elkaar.
Ja, het zet je allemaal aan het denken en het maakt het er allemaal niet gemakkelijker op. Ik ben wel heel blij dat ik dit mag en kan meemaken, desondanks de moeilijke momenten. Het is zo een verrijking.
Vandaag ben ik eerst op “streetmapping” geweest. Streetmapping houdt in dat we op bepaalde plaatsen in het centrum op zoek gaan naar kinderen. We spreken die aan en proberen uit te vissen hoe het komt dat ze op straat lopen/slapen. De uiteindelijke bedoeling is om hen te overtuigen om mee te komen naar Sables. Vandaag was echt succesvol want we hebben drie jongens kunnen meenemen.
Ik heb mij vandaag, voor de eerste keer, geïrriteerd aan het feit dat de communicatie met de kinderen zo moeizaam loopt. Het is echt heel erg moeilijk. We beginnen elkaar wat beter te kennen en ze willen mij vanalles vertellen maar ik versta hen niet. Echt niet leuk! Ik hoop dat het wat zal beteren, maar heb er niet zo een goede hoop op.
Het geeft zo een goed gevoel dat de kinderen je wat beter beginnen kennen en wat aanhankelijker worden. Ik krijg meer het gevoel dat ik echt iets ga kunnen betekenen voor hen. Het blijft alleen nog de vraag hoe ik dat zal doen. Ik heb het gevoel dat het echt moeilijk gaat worden om hier dingen te kunnen realiseren maar ik moet het eerst nog een beetje tijd geven. Volgende week ga ik samen met Exhilda, op mijn aanvraag, eens aerobics geven aan de kinderen. Ik ga proberen om dit elke dag in te plannen zodat het een routine wordt. Ze dansen graag dus aerobics op muziek zullen ze ook wel graag doen, hoop ik toch. We zullen wel zien hoe het volgende week uitdraait é!
Be patient! Dat is wat ik mezelf steeds vertel!
Ik ga onder mijn muskiettennet kruipen en slapen want morgen is het weer vroeg dag!
Ik denk veel aan jullie en laat maar nieuws horen é!
Dikke zoenen
Sarah
p.s.: Yves, je kan er zeker van zijn dat de dingen die je zal opsturen in de juiste handen terecht zullen komen! Als je me eventueel enkele tips kan geven wat ik allemaal zou kunnen doen in Sables is dat steeds welkom é want het is niet zo evident om de social workers daar te motiveren! Ik doe allesinds de groeten aan iedereen!
Zoenen en tot snel!!
zaterdag 21 februari 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten